|
APPLEJACK
(2 tellen): |
Het beurtelings met de ene voet op de bal en de andere voet op de hak in tegengestelde richting draaien. | |
| Voorbeeld: |
1. draai op bal LV de hak naar binnen en tegelijkertijd op de hak van de RV de tenen naar buiten & beide voeten terug naar uitgangspositie.
2. draai op hak LV de tenen naar buiten en gelijkertijd op bal RV de hak naar binnen & beide voeten terug naar uitgangspositie. |
|
| BODY ROLL | Een beweging waarbij het lichaam op een soepele manier opwaarts, zijwaarts of neerwaarts wordt 'gerold'. | |
|
BOX STEP
(8 tellen): |
Er wordt een vierkant (box) gestapt. | |
| Voorbeeld: |
1. LV naar links opzij.
2. RV plaats naast LV. 3. LV stap naar voor. 4. Rust. 5. RV stap naar rechts opzij. 6. LV plaats naast RV. 7. RV stap naar achter. 8. Rust. |
|
|
BRUSH
(1 tel): |
Een brush is een ‘veeg’ naar vóór of naar achter over de vloer met RV of LV. | |
|
CHASSE
(2 tellen): |
Een chasse is een SHUFFLE zijwaarts, zowel naar links als naar rechts.. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap naar rechts & LV zet naast RV.
2. RV stap naar rechts. |
|
|
COASTER STEP
(2 tellen): |
Achterwaarts of voorwaarts, met RV of met LV beginnend. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap naar achter & LV zet naast RV.
2. RV stap naar voor in oorspronkelijke positie. |
|
|
CROSS-SHUFFLE
(2 tellen): |
Naar rechts (met LV) of naar links (met RV) : stap over, en stap over. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap gekruist over LV & zet LV iets naar links .
2. RV stap gekruist over LV. |
|
|
DRAG
(1 tel): |
Het bijtrekken van een voet naar de voet waarop het gewicht rust. | |
|
ELVIS KNEE
(1 tel): |
Een knie wordt naar binnen gedraaid vóór de andere knie, waarbij de teen aan de grond blijft. | |
|
FOOTBOOGIE
(4 tellen): |
Met RV óf LV uitdraaien van eerst de teen en dan de hak en in omgekeerde volgorde weer terug. | |
|
FULL TURN
(2 tellen): |
Een (360º) hele draai in 2 stappen; rechts- of linksom. | |
| Voorbeeld: |
1. Zet RV ¼ naar rechts gedraaid (lichaam óók) naar voor.
2. Draai op bal van RV een ½ dóór en zet LV een ¼ gedraaid naar vóór. Een full turn wordt veelal gevolgd door een SHUFFLE of een ROCK STEP. |
|
|
HEEL FAN
(1 tel): |
Draai één der hakken naar buiten en weer terug. | |
|
HEEL GRIND
(2 tellen): |
Kwart draai met de hak naar rechts met RV of naar links met LV.
Kan ook zonder draai uitgevoerd worden. |
|
| Voorbeeld mét kwart draai: |
1. RV plaats hak recht voor met gewicht er op.
2. Draai op hak van RV een ¼ naar rechts en zet LV naar achter. |
|
|
HEEL SPLIT
(‘vlinder’ 2 tellen): |
Draai op de bal van de voet beide hakken naar buiten en weer terug. | |
|
HEEL STAND
(2 tellen): |
Beurtelings naar voren op (alléén) de hakken gaan staan. | |
|
HEEL STRUTT
(2 tellen): |
Als TOE STRUTT, maar dan beginnend met de hak (1e tel) en daarna hele voet + gewicht er op (2e tel). | |
|
HIP BUMP
(1 tel): |
Duw de heup naar rechts met het gewicht op de RV of naar links op de LV. | |
|
HITCH
(1 tel): |
Het optrekken van de knie. | |
|
HOLD
(1 tel): |
Rusttel. | |
|
JAZZ BOX
(4 tellen): |
Kan zowel met RV als met LV beginnen; er wordt als het ware een ‘vierkant’ gelopen. | |
| Voorbeeld: |
1. RV kruis over LV.
2. 2. Zet LV achter RV. 3. Zet RV een stapje naar rechts. 4. Plaats LV naast RV Bij een jazz box met een ¼ draai wordt (in het voorbeeld) op tel 3 de RV ¼ gedraaid naar rechts gezet. |
|
|
JUMPING JACK
(2 tellen): |
Het opspringen met beide voeten en gepreid neerkomen (1) en weer terugspringen naast elkaar of gekruist (2). | |
|
KICK
(1 tel): |
Zowel vóór-, achter- of zijwaarts een ‘schop’. | |
| Voorbeeld met RV voorwaarts: | Buig knie rechterbeen en strek (gewicht blijft op LV). | |
|
KICK BALL CHANGE
(2 tellen): |
Bestaat uit 3 passen in twee tellen en kan zowel beginnend met RV als LV naar voren of diagonaal uitgevoerd worden.
Variaties zijn:
| |
| Voorbeeld: |
1. RV kick naar voren (kick).
2. Zet de bal van de RV terug naast LV (ball) en aansluitend ook het hele gewicht. 3. Verplaats het gewicht van de RV naar de LV (change). |
|
|
LOCK STEP
(2 tellen): |
Slepende pas van één voet achter de andere voet.
Kan zowel met de RV als met de LV beginnen. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap voor.
2. Trek LV bij gekruist achter RV (lock). |
|
|
MAMBO STEP
(2 tellen): |
Lijkt op een snelle ROCKSTEP, echter met ‘en’-tel en voetwissel.
Kan zowel naar vóór als naar achter, naar links of naar rechts worden uitgevoerd. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap naar voor & Breng gewicht terug op LV.
2. Zet RV naast LV en breng gewicht er op. |
|
|
MONTEREY TURN
(4 tellen): |
Een ½ draaibeweging in 4 stappen (kan ook een ¼ zijn) naar rechts of naar links, voorafgegaan door een TOUCH. | |
| Voorbeeld: |
1. RV tik met teen rechts aan.
2. Draai op bal LV een ½ draai rechtsom en zet gelijktijdig RV naast LV. 3. Tik met teen LV links aan. 4. Zet LV naast RV. |
|
|
PADDLE TURN
(kwart draai in 2 tellen): |
Een of meer draaien op een voet, waarbij de andere voet duwt (als paddle dient) om jezelf te draaien. | |
| Voorbeeld: |
1. RV tik met teen vóór & Verplaats gewicht op LV en maak gelijktijdig een ¼ draai naar links.
2. RV tik met teen voor & Verplaats gewicht op LV wederom met een ¼ draai naar links. |
|
|
PIVOT
(halve draai in 2 tellen): |
Kan zowel links- als rechtsom. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap naar voor.
2. Draai op de bal van beide voeten linksom en breng gewicht op LV. |
|
|
ROCK STEP
(2 tellen): |
Kan zowel naar voor-, achter-, zijwaarts of diagonaal (CROSS ROCK STEP) uitgevoerd worden.
Voorwaarts met b.v. RV. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap voor voren, breng het gewicht er op en zak iets door de knie.
2. Breng gewicht terug op LV. |
|
|
ROCKING CHAIR
(2 tellen): |
Een schommelstoel-beweging, gelijkend op een ROCKSTEP. | |
| Voorbeeld: |
1. Zet R hak voor LV.
2. Zet R teen neer, til R hak op, LV omhoog & zet R hak neer, zet L teen achter. 3. zet L hak neer, til L teen op, RV omhoog. |
|
|
SAILOR STEP
(2 tellen): |
Als COASTER STEP, echter schuin achter gekruistVoorbeeld. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap gekruist achter LV & Zet LV naast RV.
2. RV zet terug op oorspronkelijke positie. |
|
|
SCISSOR STEP
(4 tellen): |
Kan met rechts en links worden uitgevoerd.
Is een ‘ROCK STEP’ naar opzij gevolgd door een stap óver en een rust-tel. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap rechts opzij.
2. Breng gewicht terug opLV. 3. RV stap gekruist over LV. 4. Rust. |
|
|
SCOOT
(1 tel): |
Sprongetje met het been waarop het gewicht rust, voor- achter- of zijwaarts. | |
|
SCUFF
(1 tel): |
Als brush, maar dan met de hak. | |
|
SHIMMY
(2 tellen): |
Het met het bovenlichaam (schouders) bewegen naar links naar rechts of van rechts naar links, waarbij gelijktijdig een stap naar voor of naar opzij wordt ingezet en wordt afgesloten met aansluiten van de andere voet. | |
|
SHUFFLE
(2 tellen): |
Een shuffle kan vóór-, achterwaarts en draaiend uitgevoerd worden én zowel beginnend met de RV als met de LV.
Het zijn 3 passen in 2 tellen. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap vóór & LV sleep bij
2. RV stap voorIndien meerdere shuffles achter elkaar worden uitgevoerd zal er altijd wisseling van voet plaatsvinden, dus: R-L-R, L-R-L, R-L-R enz. |
|
| SLIDE | Het bijslepen van de niet dragende voet na een lange pas. | |
|
SWIVEL
(2 tellen): |
Het bijslepen van de niet dragende voet na een lange pas.
Het naar buiten draaien van de hakken op de bal van beide voeten en weer terug, waarbij de heupen meedraaien maar het bovenlichaam niet. | |
|
SWIVET
(2 tellen): |
Zelfde beweging als SWIVEL, maar dan de ene voet op de bal en de andere voet op de hak. | |
|
SYNCOPATED VINE
(3 tellen): |
Kan zowel naar rechts als naar links worden uitgevoerd en bevat een ‘en’ tel tussen 2e en 3e tel. | |
| Voorbeeld: |
1. Zet RV naar rechts.
2. Zet LV gekruisd achter RV & Zet RV iets naar rechtsachter. 3. Zet LV gekruist over RV. |
|
| TAG |
Een afwijkend deel in de choreografie om aansluiting te krijgen met de muziek.
Wordt ook 'brug' genoemd. | |
| TAP | Als 'TOUCH', maar nu hoorbaar. | |
| TOE FAN | Draai van één der voeten de tenen naar buiten en weer terug. | |
|
TOE SPLIT
(2 tellen): |
Als heel split maar dan de tenen naar buiten en weer terug. | |
|
TOE STRUTT
(2 tellen): |
Kan zowel met RV als LV uitgevoerd worden. | |
| Voorbeeld: |
1. RV zet naar voor met teen; gewicht blijft op LV.
2. RV zet hak neer en plaats gewicht er op. |
|
|
TOUCH
(1 tel): |
Tik met de teen op de aangegeven plaats; kan opzij zijn, maar ook vóór of (gekruist) achter. | |
|
TRAVELING STEPS
(2 tellen): |
Steps (b.v. APPLEJACKS of SWIVELS) die in plaats van 'op de plaats' in de richting gaan waarin ze zijn ingezet. | |
|
TRIPPLE TURN
(2 tellen): |
Een ½ of hele draai rechts- of linksom in 3 passen, beginnend met resp. RV of LV. | |
| Voorbeeld: |
1. Zet RV een ¼ naar rechts gedraaid neer& zet LV naast RV.
2. Zet RV een ¼ naar rechts gedraaid neer. |
|
|
UNWIND
(1 tel): |
Het terugdraaien van het lichaam nadat de voeten gekruist waren. | |
|
VAUDEVILLE
(3 tellen): |
Enkele aangepaste danspassen met een kruispas er in. | |
| Voorbeeld: |
1. Stap met RV iets achter naar opzij.
2. Kruis LV voor RV & RV stap rechts opzij. 3. Tik met hak LV schuin links vóór. |
|
|
VINE
(3 tellen): |
Kan naar rechts of naar links worden uitgevoerd. | |
| Voorbeeld: |
1. Zet RV naar rechts.
2. Zet LV gekruist achter RV. 3. Zet RV naar rechtsEen vine wordt veelal gevolgd door een pas met (in het voorbeeld) de LV (4e tel). |
|
|
WEAVE
(8 tellen): |
Enkele aangepaste danspassen met een kruispas er in.
Een ‘loop’ naar rechts, beginnend met RV, of naar links beginnend met LV, beurtelings achter of voor kruisend. | |
| Voorbeeld: |
1. RV stap naar rechts.
2. LV kruis achter RV. 3. RV stap naar rechts. 4. LV kruis over RV. 5. RV stap naar rechts. 6. LV kruis achter RV. 7. RV stap naar rechts. 8. LV tik aan naast RV. |
|